Wat eten we deze week?

Als voorbereiding op m’n examen moet ik dringend eend met gebakken schorseneren en aardappelen à la boulangère klaarmaken. Alles daarvoor is in huis. Alleen blijkt m’n oudste dochter niet thuis te zijn en heeft het weinig zin om voor twee het gerecht te bereiden (ook m’n vrouw is niet thuis en m’n jongste dochter is niet de gourmand van de familie). Vandaag werd het dus pie van kip. Maandag wordt het dus wellicht eend met gebakken schorseneren en aardappelen (wellicht ga ik geen tijd hebben om ze à la boulangère klaar te maken, dat zou overigens een primeur zijn). Dinsdag ga ik – op algemeen verzoek – tagliatelli met champignons, gerookte zalm ui, basilicum en mascarpone maken. Ik stootte lang geleden op het recept in de rubriek ‘Kookgeheimen’ in het krantje van de Gezinsbond. In de rubriek sturen leden hun familierecepten in. De redactie slaagt er almaar minder goed in om knappe recepten te verzamelen. Helaas. De tagliatelli is bij ons een klassieker geworden. Wat eten we dan donderdag? Dan wordt het een gerecht van Jamie Oliver (ik heb dit weekend nog eens door z’n oude boeken gebladerd die ooit bij De Standaard zaten): farfalle met savooikool, pancetta, tijm en mozarella. Ik heb vanochtend op de markt in Heverlee alvast twee plantjes tijm gekocht voor 6 euro.

Advertenties

He classified the Princess with that distinct type of woman that looks as if it habitually went out to feed hens in the rain
(Saki)

People may say what they like about the decay of Christianity; the religious system that produced green Chartreuse can never really die.
(Saki)

Thigmofilie

In mijn kindertijd was het kleinste kamertje mijn favoriete schuilplaats in huis. Het was een oord waar de andere gezinsleden je nooit kwamen storen, de enige plek waar je zonder opgaaf van reden langer kon blijven zitten dan strikt noodzakelijk. Uren heb ik er gesleten, voorraadje strips bij de hand. Soms zit de wereld je gewoon te ruim, en moet je de onderduik in.

Ook nu ik volwassen ben, wil de weidsheid van het bestaan me nog wel eens aanvliegen. Zonder rugdekking krantenstukjes tikkend in een landschapskantoor, op een receptie tot conversatie met onbekenden gedwongen, mijn pleinvrees onderdrukkend in een ondergrondse parkeergarage: hevig kan ik dan terugverlangen naar de geborgenheid van de wc uit mijn kindertijd.

Die zucht naar in je schulp kruipen, naar verstoppertje spelen voor de wereld: het is geen afwijking, schrijft de Nederlandse bioloog Midas Dekkers in De thigmofiel. Het verlangen naar geborgenheid (Atlas Contact). Het is wat biologen thigmofilie noemen: holtezucht, de liefde voor de kleine ruimte.

Hilde Van den Eynde in De Standaard der Letteren, 16 oktober 2015.

Les

De les die wij uit deze geschiedenis kunnen trekken is, zeg ik nog maar eens ten overvloede, dat er in onze kringen heel veel onaangename zaken passeren die wij maar hebben te slikken. Maar laten wij zulks doen met een lach op ons gezicht.

W.M. Thackeray, De snob, luchtigjes bekeken, in: Kees van Kooten, Mijn plezierbrevier, p. 43.

Illusie

Het gaat om de onbetaalbare luxe van de illusie. De illusie dat je de boze buitenwereld kan bezweren met een weinig minder dan perfecte zin. Een zin waarin elk woord net dat ene woord is dat er staan moet, waarin elk woord precies daar staat waar het staan moet, waarin al die juiste woorden op de juiste plaats, gescheiden dan wel verbonden door de juiste leestekens, samen die ene zin vormen die doet wat jij niet in je eentje kan: troost zijn. Troost voor alle lelijkheid, lelijkheid die ons toch o zo makkelijk lukt. Schoonheid, neen, die is niet makkelijk. Schoonheid vergt, schoonheid eist. Schoonheid is een keuze. De keuze voor de illusie. Ontneem de mens die illusie en je ontneemt hem z’n reden tot bestaan.

Jan Devriese, in Het Laatste Nieuws, 27-28 juni, p. 18.

Troostvogel

Wanneer je soms iets naars beleeft
Je niet mag uitgaan door de regen
Of slaande ruzie hebt gekregen
Met iemand waar je veel om geeft

Als speelgoed door een mankement
Niet meer zo leuk is als tevoren
Je kwartje ergens is verloren
Kortom, als je verdrietig bent

Dan komt de vogel met een lied
Je hoort het, maar je ziet hem niet
En als hij voor je heeft gezongen
Dan vliegt hij weg met jouw verdriet

Zolang er kinderen bestaan
Is hij ze altijd komen troosten
In Doesburg of in ’t Verre Oosten
Of waar hij ook naar toe moest gaan

De vogel is in al die tijd
Nog nooit beschreven of geschilderd
Is hij beeldschoon of erg verwilderd?
Daarover heerst onzekerheid

In elk geval, hij meent het goed
Hoewel door alles wat hij doet
Je kans hebt dat je noodgedwongen
Een tijdje op hem wachten moet

Dan komt de vogel met een lied
Je hoort hem, maar je ziet hem niet
En als hij voor je heeft gezongen
Dan vliegt hij weg met jouw verdriet

Drs. P (1919-2015)