Chiconomics
juni 9, 2009
Morgen maakt de Global Language Monitor naar verluidt bekend welk woord het miljoenste Engelse woord wordt. Van de negen kanshebbers die vandaag in de krant staan zijn dit mijn favorieten: chiconomics (de kunst om er chic en stijlvol te blijven uitzien ondanks de economische crisis) en green washing (zoals je geld witwast, kan je een stuk oude rommel groenwassen: het opwaarderen door het voor te stellen als een milieuvriendelijk recyclageproduct). Morgen weten we of één van mijn favorieten het heeft gehaald…
Huwelijk
mei 19, 2009
Gisteren een levensles tegengekomen in David Copperfield van Charles Dickens. Copperfield is op dat moment in het boek getrouwd met een mooi kindvrouwtje dat er in het huishouden niets van bakt (later sterft ze, waarop Copperfield trouwt met zijn zielsverwante Agnes, de favoriet, vermoed ik, van zijn eigenzinnige tante). Zijn tante geeft hem een advies dat ook ik ter harte zal nemen:
“You have chosen freely for yourself;” a cloud passed over her face for a moment, I thought; “and you have chosen a very pretty and a very affectionate creature. It will be your duty, and it will be your pleasure too – of course I know that; I am not delivering a lecture – to estimate her (as you chose her) by the qualities she has, an not by the qualities she may not have. The latter you must develeop in her, if you can. And if you cannot, child,” here my aunt rubbed her nose, “you must just accustom yourself to do without ‘em. But remember, my dear, your future is between you two. No one can assist you; you are to work it out for yourselves. This is marriage, Trot; and Heaven bless you both, in it, for a pair of babes in the wood as you are!”
90 km in 2 sec.
mei 18, 2009
Zaterdag heb ik 90 kilometer per uur gehaald in twee seconden. In diezelfde twee seconden zat ik op 34 meter hoogte. Het was in Plopsaland, in naar het schijnt de snelste launchcoaster van de Benelux. Nadien viel ik loodrecht naar beneden. Daarna volgde een iets minder spectaculaire rit langs drie loopings tijdens een parcours van 600 meter lang. Drie keer zag ik de wereld op zijn kop. Ik ben normaal geen grote held in dat soort dingen, maar mijn dochter (bijna negen) wou erin. En kinderen moeten vergezeld zijn van een volwassene… Overigens werd Anubis The Ride – daar gaat het over – die dag ingehuldigd. Helaas mochten we niet blijven voor de VIP-receptie…
Pétrole hahn
mei 4, 2009

Gisteren alweer een communiefeest. Ik zit schuin tegenover de grootvader van de feesteling. De man is al in de tachtig en zit de helft van de dag weg te dommelen aan de feesttafel – in tegenstelling tot zijn kwieke (maar ook veel jongere) echtgenote die de hele namiddag vrolijk zit te kwetteren. In een zeldzaam wakker moment vraag ik aan de man hoe het komt dat hij op zijn leeftijd zo’n schitterende kop haar heeft. Z’n haar is immers vol en zwart, bij mijn weten een zeldzaamheid bij mannen van in de tachtig. Het antwoord is er meteen en verrast me: Pétrole hahn! Sinds z’n twintigste doet hij elke ochtend het goedje over z’n haar. De groene versie, niet de blauwe. Naar verluidt heeft een dokter het hem ooit aangeraden. Hoe dan ook: sinds gisteren heeft Pétrole hahn een nieuwe klant…
Verneukt (2)
april 30, 2009

Verneukt. Gisteren stond het in een artikeltje van De Standaard waarin een Nederlandse journaliste het had over Beaufort aan de kust – en passant maakte ze haar misprijzen bekend voor onze ruimtelijke ordening. Verneukt, dus. De meest bekende zin met dat woord is ongetwijfeld de volgende:
Ik word op ‘t oogenblik van uit Gent verneukt door een kerel, die Korthals heet en die ‘t lijk van mijn schoonzuster in zijn bezit heeft.
Heerlijke zin. Werd ooit zelfs verkozen, meen ik, tot beste Nederlandstalige zin ooit. Hij komt, natuurlijk, uit Lijmen van Willem Elsschot.
Verneukt
april 29, 2009

NRC-kunstcritica Janneke Wesseling vindt onze kust een ‘doodse aaneenschakeling van lelijke flats op een al even lelijke boulevard met plastic speeltoestellen en friettenten’. Soms moet je het weer eens van een buitenstaander horen om te beseffen hoe verschrikkelijk we onze kuststrook verneukt hebben, merkt Peter Vantyghem vandaag op in De Standaard. I could not agree more.
Lentefeest
april 27, 2009
Van mijn eerste communie herinner ik me niet veel meer. Ook niet van m’n plechtige communie. Al weet ik dat ik bij die laatste gebeurtenis van onderpastoor De Witte niet mocht meezingen – en ook eens buiten ben gezet bij een van de voorbereidende lessen – iets waar ik overigens behoorlijk van onder de indruk was want ik was een brave leerling. Onderpastoor De Witte lag me niet zo. Ik had het meer voor onderpastoor Hebbelinck. Die schreef gedichten. En publiceerde ze nog ook. Ik heb nog altijd een bundeltje van hem liggen. We schrijven de jaren zeventig. Het was volop hippieperiode, en onderpastoor Hebbelinck voelde zich als een vis in het water. Maar de pastoor had het niet begrepen op die gedichten. En onderpastoor Hebbelinck verdween. Dus was het De Witte die de voorbereiding moest doen van de eerste en de plechtige communicanten. Dat was nodig om ons goed voor te bereiden op de Grote Dag. Dat was het toch wel, zo’n communie: een Grote Dag. De bisschop zelf kwam dan naar ons dorp om ons te vormen. De meisjes moesten allemaal een wit habijt dragen. Wij moesten een kostuumpje aandoen – met strik. Onze vaders droegen een kostuum. En na de plechtigheid was het feest. Moeder maakte een feestmaaltijd klaar. En van m’n peter kreeg ik een echte horloge. Niets van dat alles was er zaterdag bij het lentefeest van m’n neefje. Het vond plaats in de gymzaal van een school waar een podium was gemaakt. Centraal hing de vlag van de vrijzinnigheid. Ouders droegen geen kostuums of mooie pakken. Een clown trad op en dan volgde het officiële gedeelte waarbij de lentefeestelingen een handdoek kregen met hun naam en een paar poppen. Nadien volgde een receptie. De kinderen speelden buiten. Om vijf uur kregen ze een ijsje en werden er balonnen opgelaten. Dat was het. Triestig vind ik dat, een gelaïciseerde samenleving waar Grote Momenten verdwijnen en alles heel erg vlak wordt. Is dat het dan, de eenentwintigste eeuw, het toppunt van beschaving? Is het dat maar?
Hol van Sluis
april 1, 2009
De letters met de naam van het pension op het raam waren afgebladderd. In plaats van Hof van Sluis stond er daardoor Hol van Sluis. Dat bleek een voorafspiegeling te zijn van de service die we er kregen en de staat van de kamers. Die waren vooroorlogs ingericht: gammele – en te kleine – bedden, outdated sanitair met gemeenschappelijk badkamer (vieze douche in de keuken van de gastvrouw) en ouderwetse plafondbekleding. Ook het onthaal bracht ons meteen van ons stuk: we moesten meteen aan de tafel plaatsnemen en werden daadkrachtig verzocht om prompt het tarief te betalen van het betere hotel - om te vermijden, zo vermoeden we, dat bezoekers na het zien van de kamers prompt rechtsomkeer zouden maken. Maar het moet gezegd: het was relatief proper en … er stonden vaasjes met verse tulpen! Er was dus enige hoop dat ons weekend (met verwenontbijt en happy drink) al bij al zou slagen. Niets bleek minder waar toen we in de krappe voorkamer ’s ochtends onze ontbijttafel met het beloofde verwenontbijt overschouwden. De zenuwachtige, mankende en rokende gastvrouw – die we drie dagen lang in dezelfde vieze kleren zouden zien verschijnen – bleek enkel brood, kaas, hesp en confituur in haar ongeordende keuken te hebben gevonden. Van een verwenontbijt gesproken! Er was koffie en op verzoek voorwaar ook thee. Toen we een water bestelden, nam de gastvrouw promt een glas en vulde ze het met kraantjeswater… Achteraf las ik op een site een beoordeling door een gast: die bleek toch wel een gebakken ei te hebben gekregen als ontbijt zeker. Op die dag moet de gastvrouw zichzelf overtroffen hebben. Ze was niet geneigd om het ontbijt de volgende dag – nadat we door de overschakeling naar het zomeruur een uur slaap verloren waren – iets later te laten starten. Groot was dan ook onze verbazing toen we ’s ochtends arriveerden en zij helemaal niet voorbereid bleek te zijn. Ze heiste zich uit haar canapé waar ze naar tv aan het kijken was en verplichtte ons om plaats te nemen in ‘het salon’ om naar een F1-race te kijken. Met z’n achten moesten we even uit de weg zodat zij de ruimte had om de tafel te dekken voor ons ‘verwenontbijt’. Zelfs op zondag bleek er geen croissant of eitje in te zitten. Een vaste gebeurtenis elke ochtend was de aankomst van de moeder van de gastvrouw, een 80-jarige kranige en goed geconserveerde vrouw. Die bleek alle kamers elke dag een beurt te geven en alle bedden op te maken – God verhoede dat de gastvrouw die taak op zich zou nemen. Voortdurend vroeg het moedertje ons hoe we het vonden – je kent dat: mensen die weten dat hun product schabouwelijk is, maar toch aandringen op een positieve bevestiging. Het is inderdaad moeilijk om vlakaf te zeggen dat iets niet deugt. Toen de oude moeder ons bij ons vertrek dan ook voor de zoveelste keer vroeg hoe we het vonden, bleek m’n vriend een geniale inval te hebben. “We hebben ons goed geamuseerd”, zei hij naar waarheid. Inderdaad: de belabberde service, wauwelende grootspraak en niet ingeloste beloftes waren het hele weekend lang een fijn gespreksonderwerp. Een weekend om niet te vergeten.
Levensles
maart 13, 2009
The Meaning of Life
Most of what I have learned
in life leads back to this.
Nancy Fitzgerald, Poems I Never Wrote.
Take five
maart 3, 2009
Toevallig – ik haat Radio 2 – gehoord in Funiculi Funicula, meteen opgezocht, dankzij de playlist vlot gevonden en onmiddellijk gekocht: een cd van Dave Brubeck met Take Five erop. Ja, ik ben een impulsaankoper.