Hol van Sluis
april 1, 2009
De letters met de naam van het pension op het raam waren afgebladderd. In plaats van Hof van Sluis stond er daardoor Hol van Sluis. Dat bleek een voorafspiegeling te zijn van de service die we er kregen en de staat van de kamers. Die waren vooroorlogs ingericht: gammele – en te kleine – bedden, outdated sanitair met gemeenschappelijk badkamer (vieze douche in de keuken van de gastvrouw) en ouderwetse plafondbekleding. Ook het onthaal bracht ons meteen van ons stuk: we moesten meteen aan de tafel plaatsnemen en werden daadkrachtig verzocht om prompt het tarief te betalen van het betere hotel - om te vermijden, zo vermoeden we, dat bezoekers na het zien van de kamers prompt rechtsomkeer zouden maken. Maar het moet gezegd: het was relatief proper en … er stonden vaasjes met verse tulpen! Er was dus enige hoop dat ons weekend (met verwenontbijt en happy drink) al bij al zou slagen. Niets bleek minder waar toen we in de krappe voorkamer ’s ochtends onze ontbijttafel met het beloofde verwenontbijt overschouwden. De zenuwachtige, mankende en rokende gastvrouw – die we drie dagen lang in dezelfde vieze kleren zouden zien verschijnen – bleek enkel brood, kaas, hesp en confituur in haar ongeordende keuken te hebben gevonden. Van een verwenontbijt gesproken! Er was koffie en op verzoek voorwaar ook thee. Toen we een water bestelden, nam de gastvrouw promt een glas en vulde ze het met kraantjeswater… Achteraf las ik op een site een beoordeling door een gast: die bleek toch wel een gebakken ei te hebben gekregen als ontbijt zeker. Op die dag moet de gastvrouw zichzelf overtroffen hebben. Ze was niet geneigd om het ontbijt de volgende dag – nadat we door de overschakeling naar het zomeruur een uur slaap verloren waren – iets later te laten starten. Groot was dan ook onze verbazing toen we ’s ochtends arriveerden en zij helemaal niet voorbereid bleek te zijn. Ze heiste zich uit haar canapé waar ze naar tv aan het kijken was en verplichtte ons om plaats te nemen in ‘het salon’ om naar een F1-race te kijken. Met z’n achten moesten we even uit de weg zodat zij de ruimte had om de tafel te dekken voor ons ‘verwenontbijt’. Zelfs op zondag bleek er geen croissant of eitje in te zitten. Een vaste gebeurtenis elke ochtend was de aankomst van de moeder van de gastvrouw, een 80-jarige kranige en goed geconserveerde vrouw. Die bleek alle kamers elke dag een beurt te geven en alle bedden op te maken – God verhoede dat de gastvrouw die taak op zich zou nemen. Voortdurend vroeg het moedertje ons hoe we het vonden – je kent dat: mensen die weten dat hun product schabouwelijk is, maar toch aandringen op een positieve bevestiging. Het is inderdaad moeilijk om vlakaf te zeggen dat iets niet deugt. Toen de oude moeder ons bij ons vertrek dan ook voor de zoveelste keer vroeg hoe we het vonden, bleek m’n vriend een geniale inval te hebben. “We hebben ons goed geamuseerd”, zei hij naar waarheid. Inderdaad: de belabberde service, wauwelende grootspraak en niet ingeloste beloftes waren het hele weekend lang een fijn gespreksonderwerp. Een weekend om niet te vergeten.
juni 1, 2009 at 11:12 am
Hallo Filip, Je hebt ons verhaal precies vertelt kon niets er aan toe voegen, hooguit dat het oude moedertje vaak genoeg afgesnouwt werd door de gastvrouwe en de ruzies daardoor niet van de lucht waren inclusief “de romantische omgang” met haar waarschijnlijke franse vriend.Een echte afrader.
We hebben nog eens hartelijke kunnen lachen om je verhaal zo bekend kwam het ons voor