Dardennen

oktober 7, 2008

Net terug van een weekendje in ‘Dardennen’. Ik kan het iedereen aanbevelen. Die stilte. Die mist die traag omhoogkruipt uit de hellingen en valleien. Die paddenstoelen. Die rook die in de verte uit bossen omhoogkringelt. Die slechtvalken of buizerds (ik ben geen vogelkenner) die eenzaam boven het veld hangen. Die herten, reeën en everzwijnen die ergens in het bos verscholen moeten zitten terwijl jij voorbijwandelt. Dat geritsel in het onderbos. Die bordjes die zeggen wanneer er een jacht is. Die natte zompige boslucht. Die mossen. En vooral: die schitterende kleurenvariaties rond deze periode van het jaar. Hoe mooi verval toch kan zijn…

Apartheid

september 9, 2008

U gaat me vast een onaangenaam mens vinden. Maar het moet me van het hart. Ik háát het wanneer de trein vol bejaarden zit en ik moet rechtstaan. Ik heb wel heel de dag gewerkt om hun pensioen te betalen hé. En dan nemen ze op de koop toe m’n zitplaats af. Fijn is dat! Een mooie dag? Eén minuut na negen? Dan kan je er donder op zeggen dat de treinen naar Blankenberge of Oostende vol zitten met (quasi) gratis sporende bejaarden (en hun huisdieren die meestal óók een zitplaats innemen). Meestal ben ik weg voor negen en ontloop ik hen ’s ochtends. Maar ’s avonds, na een zware werkdag, is het dan prijs: voor hardwerkende dertigers (nog net) is er dan geen plaats meer op de trein. Suggestie aan de minister van vervoer: aparte treinen voor bejaarden.

Moshe

september 2, 2008

M’n dochter heeft een zwak oog. Dat bleek tijdens een schoolonderzoek en werd bevestigd door onze oogarts. Haar ene oog werkt veel minder goed dan het andere. Om het luie oog aan het werk te zetten, moeten we het goede oog afplakken. En ze moet een bril beginnen dragen. Ik vind dat verschrikkelijk. Ze wordt pas vijf. Kleuters met afgeplakte ogen, vind ik zo’n kneusjes. Maar m’n dochter pakt het goed op, met dank aan de oogarts. En aan de fabrikanten van brillen en plakkers, die vandaag toch wel heel kindvriendelijke producten weten te ontwikkelen. Dus misschien loopt het wel beter dan ik denk. Tenslotte hoeven éénogigen niet allemaal schlemiels te zijn. Daarbij denk ik dan aan Moshe Dayan, de legendarische Israelische generaal die ik in m’n kindertijd vaak op tv heb gezien (in de zesdaagse of één van die andere oorlogen). Stiekem hoop ik dat m’n dochter even fors reageert op wie haar uitlacht dan Moshe Dayan in de oorlog… Of is dat erover?

Nazomer

augustus 31, 2008

Het was vandaag een prachtige warme nazomerdag en de gedachte dat de zomer voorbij is deed me denken aan een gedicht van Rilke dat weliswaar Herfstdag heet, maar m.i. perfect het gevoel weergeeft van vandaag.

 

Herfstdag

Heer, het is tijd. Het was een grootse zomer.

Leg nu uw schaduw op de zonnewijzers

en laat de wind over de velden komen.

 

Gebied de vruchten vol te zijn,

verleen hun nog twee zuidelijke dagen,

stuw ze naar de voldragenheid en jaag

de laatste zoetheid in de zware wijn.

 

Wie nu geen huis heeft, bouwt het ook niet meer,

wie nu alleen is, zal het nog lang blijven,

zal waken, lezen, lange brieven schrijven

en rusteloos de lanen op en neer

gaan als de wind de blaren voort zal drijven.

 

RILKE, Rainer Maria, Wie nu geen huis heeft. Bert Bakker, Amsterdam, 1986. Vertaling: Peter Verstegen.

 

A little stroke of luck

augustus 27, 2008

Een mens moet het hebben van de kleine dagelijkse meevallers. Vandaag was het even mijn beurt. Toen ik met m’n fiets arriveerde in de immense pas afgewerkte megagrote fietsenparking aan het Leuvense station - is het nu onder het nieuwe KBC-gebouw of onder de nieuwe gebouwen van de stad? - was er net een meisje dat haar fiets uit de rekken haalde. Helemaal vooraan! I did not let this chance slip away. Mijn fiets staat nu te pronken (wat heet) op de derde of vierde plaats. Het bespaarde me vandaag een kilometerslange wandeling naar een fietsparkeerplaats. A little stroke of luck. M’n dag kan niet meer stuk. Laat de andere meevallers maar komen vandaag.

Patatten (bis)

augustus 26, 2008

Toch wel handig, zo’n blog. Zonder blog zou ik allang vergeten zijn dat het op 14 april was dat ik m’n patatten plantte. Ze zijn er ondertussen allemaal uit, sinds midden augustus. Dat betekent dat ze precies vier maanden onder de grond hebben gezeten. Ik heb geen flauw idee of dat lang genoeg is. Maar het moet gezegd: het was een goed patattenjaar. De nonkel van m’n vrouw die fruitkweker is, vond dat evident: de planten hebben volgens hem alles gehad wat ze nodig hadden om goed te kunnen groeien. En zo komt het dat m’n tuinkot vol staat met afgedekte bakken vol patatten. Er zijn echte kanjers bij. Ik moet er nog wat antischeuttpoeder op strooien (dat deed ik vroeger nooit, waardoor er al vlug scheuten kwamen aan de patatten). En dan maar smullen van zelf gekweekte patatten. En ook: wanneer ik in het najaar of putje winter patatten ga halen om te koken, denken aan die mooie zomerdagen toen ik ze aan het rooien was…

Hypocrisie

juli 2, 2008

Hypocrisie: ziehier het grote woord. Het grote verwijt aan de kerk. Pas op, ik ben niet helemaal tegen hypocrisie. Wanneer zij met mate wordt gehanteerd, maakt ze het leven draaglijk. Waarom moet een man aan zijn vrouw, na dertig jaar huwelijksleven, meedelen dat ze vroeger knapper was? Waarom zwijgt hij niet gewoon, zoals de vorige dertig jaar? Soms is een vleugje hypocrisie beter dan al die ellendige eerlijkheid. Maar tegelijk mag er tussen woord en daad geen oneindig grote kloof gapen. Het is een kwestie van dosering.

Rik TORFS, Het hellend vlak. Leuven, Uitgeverij Van Halewyck, 2008, p. 26.

Wat een vrouw

juni 18, 2008

Wat een vrouw, die Martha Gellhorn (ik lees net in de krant een recensie van een boek met een selectie uit haar briefwisseling). Ze was in het begin van de vorige eeuw één van de betere oorlogscorrespondenten en was een tijdlang getrouwd met Ernest Hemingway. Toen vrouwelijke oorlogscorrespondenten werden geweerd aan het front, vermomde ze zich als verpleegster om over de landing in Normandië te berichten. Ze schreef over de gewone mensen in de oorlog, waardoor haar verslagen al vlug over het fenomeen oorlog gingen en niet over specifieke oorlogen. Misschien ben ik daarom eigenlijk altijd het gelukkigst in een oorlog (ook omdat ik nooit gewond ben natuurlijk) want oorlog is de grootste idioterie die er bestaat zodat iedereen die eraan meedoet alle efficiënte attributen van het leven overboord kan gooien en ook idioot kan doen. Wat een leven, wat een scherpzinnigheid! Nog een citaat. Het is een ernstige zij het geen levensbedreigende vergissing dat ik een vrouw ben. En nog een. Ze komt na de Tweede Wereldoorlog terecht op een galadiner met Winston Churchill. Zelf had ik veel succes… wegens mijn twaalf jaar oude Parijse avondjurk met blote rug. Waren mijn borsten ook nog bloot geweest, was ik ongetwijfeld in de adelstand verheven.

Analysis of Baseball

mei 28, 2008

It’s about
the ball,
the bat,
and the mitt.
Ball hits
bat, or it
hits mitt.
Bat doesn’t
hit ball, bat
meets it.
Ball bounces
off bat, flies
air, or thuds
ground (dud)
or it
fits mitt.

Bat waits
for ball
to mate.
Ball hates
to take bat’s
bait. Ball
flirts, bat’s
late, don’t
keep the date.
Ball goes in
(thwack) to mitt,
and goes out
(thwack) back
to mitt.

Ball fits
mitt, but
not all
the time.
Sometimes
ball gets hit
(pow) when bat
meets it,
and sails
to a place
where mitt
has to quit
in disgrace.
That’s about
the bases
loaded,
about 40,000
fans exploded.

It’s about
the ball,
the bat,
the mitt,
the bases
and the fans.
It’s done
on a diamond,
and for fun.
It’s about
home, and it’s
about run.

Een gedicht van May Swenson.

Wag the dog

april 24, 2008

De Athener Alkibiades liet de prachtige staart van zijn hond afsnijden, wat hem op verwijten van zijn vrienden kwam te staan. Dit was zijn antwoord: “Dat is precies wat ik wil. Want ik wil dat de Atheners daarover kletsen, om te voorkomen dat ze iets ergers over mij zeggen.”

Gisteren gelezen in De Morgen - zowat 800 jaar voor Wag the dog